Wat zeg je als je klaar bent om naar bed te gaan? Vaak dat je moe bent en dat je echt moet gaan slapen. Maar dat je slaperig bent is net zo belangrijk!
Om te begrijpen wat ze nou met elkaar te maken hebben, zal ik je eerst uitleggen hoe ze allebei in elkaar zitten.
Vermoeidheid
Vermoeidheid is eigenlijk hoe ver je slaapdruk is opgebouwd. Slaapdruk wordt aangegeven door het hormoon adenosine. Hoe langer je wakker bent, hoe meer adenosine ophoopt. Wanneer je slaapt, wordt dit weer afgebroken. Ik vergelijk dit vaker met een soort lekkende kraan, waardoor de emmer overdag langzaam volloopt. Wanneer je slaapt wordt de emmer dan weer geleegd.
Is de slaapdruk hoog opgebouwd, dan voel je je dus moe en geven mensen ook vaker aan, dat voelt alsof ik in mijn bed wil neerploffen. Als de slaapdruk te hoog opbouwt, bijvoorbeeld doordat je herhaaldelijk niet al je slaapdruk weg kunt slapen, wordt je oververmoeid. Dit kan zich uiten in prikkelbaar zijn, concentratieproblemen en gek genoeg ook, slechter slapen!
Slaperigheid
Slaperigheid daarentegen is meer gericht op hoe alert je bent. Dat gevoel dat je ogen langzaam wat zwaarder worden, je krijgt het een beetje warm en voelt je ontspannen. Je alertheid is dan laag, je brein is ook niet actief bezig, dan kun je makkelijk in slaap vallen, ook als je nog niet zo moe bent.
Als we dus kijken naar slaap bij volwassenen, kinderen, peuters of baby’s, moeten we deze helder hebben. Kijk je als ouder naar vermoeidheidssignalen of naar de slaperigheidssignalen? Of als je zelf gaat slapen, ga je door totdat je echt vermoeid bent? Of ga je rond dezelfde tijd tot rust komen om ook wat slaperiger te worden?
Waarom heb je ze allebei nodig?
Voor een goede diepe slaap, wil je genoeg slaapdruk hebben opgebouwd (maar liefst niet te veel), maar ook slaperig zijn. Als je vermoeid bent, maar niet slaperig, dan is je hoofd nog niet uit, blijf je malen of denken of merk je dat je lijf nog onrustig is in bed. Of je valt wel in slaap, omdat je zo vermoeid bent dat je niet anders kan, maar wordt in de nacht of de vroege ochtend vaker wakker. Bij kinderen, peuters en baby’s zie je dit terug in korte slaapjes, veel moeite om in slaap te vallen, vaak wakker worden in de nacht en ga zo maar door.
Als je dus nog alert bent, maar ook moe, slaap je minder goed. Denk bijvoorbeeld terug aan een situatie waar je de volgende dag een toets of presentatie had. Dan val je wel in slaap, maar wordt je in de nacht nog wakker met formules of dia’s in je hoofd. Je bent moe, maar ook nog erg alert.
Hoe zie je dit bij kinderen?
Waar je dit volwassenen en kinderen boven de 6 vaak kunt uitleggen en navragen, is dit bij jongere kinderen iets ingewikkelder. Jonge kinderen komen als ze nog niet slaperig zijn vaak met vragen of verhalen over de dag en gaan rekken in de bedtijd. Bij peuters zie je dit vaak aan gedrag wat ze vertonen, ze hebben het moeilijker met hun emoties reguleren wanneer ze meer vermoeid zijn (net als volwassenen trouwens ;)). Voor de baby’s heb ik het even op een rijtje gezet, omdat het voor hun juist zo belangrijk is dat we het verschil kunnen zien.
Vermoeid
- Huilerig
- Zeurderig
- Hard in ogen wrijven
- Overstrekken
Slaperig
- Hangerig
- Legt hoofd op je neer
- Oogleden zakken een beetje
- Aait eigen gezicht/oren
Slaapoefentherapie
Bij slaapoefentherapie helpen we mensen met meer inzicht krijgen in het slaapgedrag van henzelf en hun kinderen. Als we weten wat de moeite met slapen veroorzaakt, dan stellen we een persoonlijk doel en plan op om te zorgen dat slapen niet meer vermoeiend is.
In Soesterberg zie ik de baby’s, peuters en kinderen tot 12 jaar met slaapproblemen.
Willen jullie dat ik meedenk met jullie situatie?
Neem contact op


